Leica

Leica1914
Eigenlijke datum moet zijn 1925, in 1914 is alleen het prototype ontwikkeld.

In Hamburg in de Deichtorhallen een tentoonstelling vanwege 100 jaar Leica bezocht. Prachtige foto’s gezien, erg weinig Leica fototoestellen, dat vond ik wel jammer. Pa Hong was een fanatiek Leica fotograaf. Hij kocht zijn eerste Leica begin vijftiger jaren, schat ik in. Wij, kinderen Tan, dachten dat hij de Leica had leren kennen door Frans Lahaye, vriend en beroepsfotograaf en Leica liefhebber. Mijn eerste camera was pa’ eerste Leica.

Nu ik meer hoor van (kinderen van) pa Hong’s studievrienden, valt op dat een Leica toch wel vaker in hun bezit is geweest. Ik noem de vader van Yap Kioe Bing en de vader van Pay-Yuun Hiu. Van hen weet ik het toevallig, maar er zijn ongetwijfeld meer Leica bezitters geweest. Interessant is hoe ze allemaal op de hoogte waren.

Nog een Leica bezitter gespot: de vader van Tjoe Lan Lim-Ko:
Mijn vader bezat ook een Leica (Leica DRP Ernst Leitz Wetzler),die nu in mijn bezit is. Hij is in Duitsland gekocht (omdat het voordeliger was) via Tan Tjoan Keng (student met Mercedes), die regelmatig voor zijn Mercedes naar Stuttgart (Mercedes fabriek) reisde. Denk dat mijn vader pas na mijn geboorte het toestel bezat. Gezien de vele foto’s die gemaakt werden in die tijd (rond l935).

Leica
pa Hong met zijn rijkdom

Bovenstaande foto van pa Hong met zijn Leica’s maakte ik in de 80er jaren. Uiteraard ook met een Leica (CL). Links in beeld ook zijn Rolleiflex. Ik moet nog steeds het negatief opzoeken om hier een betere foto neer te kunnen zetten.

Wat ik overigens ook nog geleerd heb daar in Hamburg, is de herkomst van de naam Leica.

Hieronder enkele teksten van Arno Haijtema in de Volkskrant van november 2014 naar aanleiding van de tentoonstelling.

Aan de studio gebonden of log en traag ter driepoot, dat was de werkwijze grofweg, totdat Oskar Barnack, hoofd van de onderzoeksafdeling van Optischen Werken Leitz (in de plaats Wetzlar), met zijn prototype van de Leica (een samenvoeging van Leitz en Camera) op de proppen kwam. ‘De liliputcamera’ noemde hij haar – een replica van het eerste exemplaar staat bescheiden in een vitrine, in een zaaltje waar ook de latere modellen en Barnacks schetsen zich, door hun kleine formaat bijna schuchter, aan de blikken van de bezoekers blootgeven. Dat Barnack gelijk had in zijn overtuiging dat kleinbeeldcamera’s de toekomst hadden, bleek toen de Leica op de markt kwam. In 1925 werden 900 exemplaren verkocht, in 1929 al 16 duizend. In een kasboek werd – handgeschreven – bijgehouden welk serienummer aan wie was geleverd.

100 jaar Leica, 100 jaar iconische fotografie

Het feestje komt wat vroeg – alsof de verjaardag niet wordt gevierd bij de geboorte van een kind maar bij de verwekking – maar de vreugde onder fotografen is er niet minder om: Leica, de Duitse producent van de legendarische kleinbeeldcamera, viert de honderdste verjaardag van het apparaat. Nou ja, het is negentig jaar geleden dat de camera die de fotografie zou veranderen in productie werd genomen. Maar de eerste prototypes dateren uit 1914, een eeuw geleden dus.  

Leica was de eerste fabrikant van camera’s die werden geladen met de 35-mm-rolfilms die gangbaar waren in de filmwereld. De negatieven die uit de Leica kwamen waren veel kleiner dan de destijds gangbare fotofilms. De camera was handzaam, eenvoudig in gebruik, onverslijtbaar en, vooral door de geweldige lenzen, superieur gereedschap voor fotojournalisten. Generaties fotografen zijn vergroeid geraakt met het cameraatje, dat bovendien als voordeel had dat het nauwelijks geluid maakte en onopvallend was in het gebruik, zodat de fotograaf geen ongewilde aandacht trok van zijn onderwerp.  

Onder de beroemdste fotografen die de Leica hanteerden bevinden zich grootheden als Henri Cartier-Bresson en Robert Capa, beiden medeoprichters van het roemruchte fotocollectief Magnum, Josef Koudelka (eveneens lid van Magnum), en hedendaagse grootheden als celebrity-fotografe Annie Leibowitz en de Amerikaan Steve McCurry. En hoewel de digitale revolutie de faam van Leica enigszins heeft doen verbleken – de firma stapte pas laat in de productie van digitale camera’s – zijn er nog steeds fotografen die anno 2014 niets liever dan met juist dat merk werken. Ook onder amateurs roept de merknaam Leica bijna religieuze emoties op. Onlangs bracht Panasonic in samenwerking met Leica een hoogwaardige digitale camera uit die onder de naam Lumix een paar honderd euro kost. De camera met exact dezelfde technische specificaties en kwaliteit, maar dan voorzien van een Leicabehuizing – kost drie keer zoveel. Blijkbaar is er vraag naar: de naam is net zo slijtvast als de eerste kleinbeeldcamera.

Eigenlijk herbergt de titel van de expositie een leugentje, want de fameuze camera verscheen pas in 1925 op de markt. Alleen het prototype dateert van 1914: de Eerste Wereldoorlog gooide roet in het eten en veroorzaakte – priegeldetail in de wereldgeschiedenis – vertraging bij de commerciële introductie. Het leugentje zij de samenstellers vergeven, want de tentoonstelling vormt een mijlpaal in de fotografiegeschiedenis. Goed dat we daar niet tot 2025 op hoeven te wachten.

Fotografen en fotoliefhebbers, amateurs en professionals, krijgen bij het horen van ‘Leica’ niet zelden een warme gloed in de ogen en een blos op het gelaat: ware liefde. Technisch hoogwaardig. Sublieme lenzen. Ultiem bedieningsgemak. Negatieven met ragfijne detaillering. Leica brengt superlatieven in het taalgebruik tot leven. Gelukkig is de tentoonstelling in de Deichtorhallen zuinig met grote woorden en is van verheerlijkend merkfetisjisme nergens sprake.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *